Inclusief onderwijs in Nederland: gelijke kansen voor iedereen

Je zit in de klas, maar je hebt moeite om de les te volgen. Je vraagt om hulp, maar die
komt niet. Uiteindelijk krijg je te horen dat je misschien beter naar een andere school
kunt. Niet omdat je niet slim genoeg bent, maar omdat het systeem niet op jou is
ingericht. Voor veel jongeren in Nederland is dit hun realiteit.
Vanaf jonge leeftijd wordt er al onderscheid gemaakt in het onderwijs. Als kind ga je
naar een reguliere school of naar het speciaal onderwijs, hierdoor worden kinderen die
naar het speciaal onderwijs gaan al snel buitenspel gezet en niet als volwaardig gezien.
Kunnen we hier geen verandering in brengen? En zo ja, hoe dan?

Inclusief onderwijs, wat houdt dat in?

Inclusief onderwijs houdt in dat scholen zijn ingericht voor alle kinderen en dat iedereen
zich goed kan ontwikkelen. Dit geldt voor kinderen met een lichamelijke, verstandelijke
of zintuiglijke beperking, maar ook voor kinderen met leerproblemen of
gedragsuitdagingen. In plaats van dat leerlingen zich aanpassen aan het onderwijs, past
het onderwijs zich aan de leerling aan.

De wet Passend Onderwijs

In Nederland is in 2014 de wet Passend Onderwijs ingevoerd, deze wet verplicht
scholen om voor iedere leerling passend onderwijs te bieden. Ondanks dat dit een stap
in de goede richting is, wordt er nog altijd onderscheid gemaakt tussen regulier en
speciaal onderwijs. Leerlingen die onvoldoende ondersteuning krijgen in het reguliere
onderwijs, worden vaak doorverwezen naar het speciaal onderwijs. Hierdoor blijft een
vorm van uitsluiting bestaan die niet goed is voor de samenleving.

Inclusief onderwijs is goed voor de samenleving

In een interview met Gert de Graaf (wetenschappelijk medewerker bij Stichting
Downsyndroom) sprak hij over hoe uitsluiting in het onderwijs nog vaak voorkomt.
“In theorie willen we inclusief onderwijs, maar in de praktijk is het nog steeds heel
ingewikkeld,” legt hij uit. “Scholen moeten door zoveel regels en aanvragen heen dat het
soms makkelijker is om een leerling door te verwijzen.”
Ondanks dat er een wet is die inclusief onderwijs stimuleert, blijkt dit in de praktijk
lastig. Subsidies voor kinderen die extra ondersteuning nodig hebben moeten
omslachtig worden aangevraagd. Daarnaast is er geen regel die voorschrijft dat ieder
kind een kans moet krijgen in het reguliere onderwijs. Hierdoor worden kinderen,
naarmate ze ouder worden vaak doorgestuurd naar het speciaal onderwijs in plaats van
dat zij extra ondersteuning krijgen binnen het reguliere onderwijs.
Volgens hem heeft dit directe gevolgen voor jongeren: “Leerlingen krijgen in sommige
gevallen al vroeg het gevoel dat ze er niet helemaal bij horen.”
Als alle kinderen samen in de klas zouden zitten worden mensen met een beperking
veel meer genormaliseerd. Hierdoor zouden zij in de samenleving gezien worden als de
volwaardige mensen die ze zijn. Vooroordelen zouden vervagen, wat bijdraagt aan een
gezonde samenleving.

Een goed voorbeeld

Italië is al jaren koploper als het gaat om inclusie in het onderwijs. In 1977 is er een wet
ingevoerd die ervoor zorgt dat alle kinderen passend onderwijs krijgen binnen een
reguliere onderwijssetting. In landen zoals Estland, Italië, Nieuw-Zeeland, Tirol en
Zweden mogen scholen een leerling met een beperking niet weigeren vanwege die
beperking. Zo’n regel zou ook in Nederland kunnen bijdragen aan inclusiever onderwijs.

Uitdagingen en knelpunten

Ondanks dat inclusief onderwijs mooi klinkt, zijn er ook uitdagingen. Veel docenten
hebben te maken met volle klassen, hoge werkdruk en een gebrek aan expertise.
Hierdoor is het lastig om de juiste ondersteuning te bieden. Daarnaast voelt niet iedere
leerling zich veilig of komt tot ontwikkeling binnen het reguliere onderwijs. Het is
daarom belangrijk om per kind te kijken wat mogelijk is.

De toekomst van inclusief onderwijs in Nederland

De ontwikkelingen rondom inclusief onderwijs in Nederland zijn volop in beweging. In
het VN-verdrag over de rechten van personen met een handicap staat het recht op
inclusief onderwijs duidelijk vermeld. Steeds meer scholen en ouders pleiten voor
inclusiever onderwijs en zelfs voor het samenvoegen van regulier en speciaal onderwijs.

Echt inclusief onderwijs vraagt om investeringen in leraren, ondersteuning en
samenwerking met ouders en zorgprofessionals. Maar als het bij onze buurlanden kan,
is het ook bij ons mogelijk. Inclusief onderwijs gaat niet alleen over beleid, maar over
iets simpels, erbij horen. Samen in de klas zitten, dezelfde kansen krijgen en niet het
gevoel hebben dat je ‘anders’ bent.
Want uiteindelijk wil iedereen gewoon meedoen!