Bijna iedere week komt er weer een nieuw incident in het nieuws: racisme in het jeugdvoetbal. Buitenlandse jongens die te maken krijgen met heftige spreekkoren, of zelfs fysiek worden belaagd. De vijandige sfeer gaat vaak hand in hand met veel commotie. Ondanks de vele campagnes blijft de vraag hoe dit ooit is ontstaan en, belangrijker nog, hoe we van deze vreselijke ‘ziekte’ afkomen.
De meeste voetbalfans hebben discriminerende incidenten wel eens op televisie voorbij zien komen. Denk bijvoorbeeld aan de wedstrijd FC Den Bosch – Excelsior op 17 november 2019, toen Ahmad Mendes Moreira van het veld afstapte nadat supporters van FC Den Bosch racistische spreekkoren naar hem riepen. Deze gebeurtenis zorgde voor veel ophef.
Er zijn sindsdien veel campagnes gevoerd, maar racisme blijft een groot probleem op de voetbalvelden. Niet alleen in grote stadions worden spelers belaagd met discriminerende kreten. Ook op de amateurvelden stapelen kwetsende momenten en incidenten zich op.
Binnen het amateurvoetbal krijgen niet alleen seniorenspelers te maken met racisme en discriminatie. Ook jeugdspelers ondervinden nog altijd de gevolgen van zware beledigingen en vervloekingen. Zo blijkt uit een artikel van de NOS, geschreven door Bas de Vries, dat er maar een klein aantal discriminerende incidenten wordt gemeld bij de KNVB.
Voor dit artikel sprak De Vries met 36 jeugdspelers, die samen meer dan 140 incidenten noemden. In het seizoen 2024/2025 ontving de KNVB slechts 230 meldingen van discriminatie. De vraag is dan ook: waarom melden spelers het niet?

Zo snel mogelijk vergeten
Uit het NOS-artikel blijkt dat veel jeugdspelers er simpelweg niet aan denken om een melding te maken. Spelers vertellen dat ze de incidenten zo snel mogelijk willen vergeten en dat melden volgens hen weinig nut heeft. “Dat is zonde van je energie”, vertelt een van de geïnterviewde voetballers.
Verder blijkt uit het onderzoek dat niet alleen tegenspelers verantwoordelijk zijn. Ook toeschouwers laten zich regelmatig gaan met discriminerende of zelfs gewelddadige uitingen. Soms zijn het ouders van teamgenoten of tegenstanders.
De meest negatieve ervaringen kwamen van een meisjesteam uit Utrecht, vertelt de NOS. Deze speelsters werden niet alleen uitgescholden vanwege het dragen van hoofddoeken, maar werden zelfs door moeders van de tegenpartij bekogeld met waterflesjes.
In aflevering twaalf van het eerste seizoen van Danny’s Wereld vertelt moeder Manuela Caciano over de discriminatie waarmee haar dochters te maken krijgen op het voetbalveld. Zij vertelt dat haar dochters bijna iedere wedstrijd worden uitgescholden. “Ze zeggen dingen als: ‘ga terug naar waar je vandaan komt’, ‘vieze zwarten’ en ‘k-neger’. Dit zeggen kinderen onderling tegen elkaar. Er zijn zelfs wedstrijden geweest waarin trainers of leiders tegen hun speelsters zeiden dat ze ‘die zwarten maar moesten schoppen’.”
Dochters Lavinia en Dyanaira vertellen dat ze onzeker worden van deze spreekkoren. Dyanaira legt uit dat ze niet als gelijkwaardig wordt gezien door tegenstanders. “Je bent hier geboren en woont hier al je hele leven. Je bent gewoon hetzelfde, maar zo zien zij dat niet.”
Lavinia vult aan dat opmerkingen vaak blijven doorgaan, ook nadat een duel al voorbij is. “In het begin negeer je het, maar tegenstanders merken dat het iets met je doet. Dan blijft het doorgaan.” Zelfs in de kleedkamers ging het soms verder. “De trainers horen het wel, maar laten het gewoon gebeuren.”

Plan van de KNVB
Racisme en discriminatie blijven veelvoorkomende problemen in het jeugdvoetbal. Wat doen amateurclubs en de KNVB hiertegen? Sinds 2020 werkt de KNVB met het programma Ons Voetbal Is Van Iedereen. Dit plan bestaat uit drie pijlers: voorkomen, signaleren en sanctioneren. Samen vormen deze pijlers een pakket van ruim twintig maatregelen en interventies.
Het plan ontstond na het racistische incident tijdens FC Den Bosch en Excelsior (het incident waar we het in de inleiding al over hadden). Toen gingen onder anderen Mark Rutte, Bruno Bruins en Ferdinand Grapperhaus in gesprek met vertegenwoordigers uit de voetbalwereld, waaronder Eric Gudde en Jan Dirk van der Zee. Samen met de Rijksoverheid en organisaties uit het amateur- en betaald voetbal werd binnen twee maanden een beleidsplan opgesteld.
Naar aanleiding van dit incident werd een meerjarig programma opgezet met maatregelen zoals voorlichting, trainingen voor clubs en scheidsrechters, betere meldmogelijkheden, slimme technologie en strengere straffen. In drie jaar tijd werd ruim veertien miljoen euro geïnvesteerd om racisme op en rond de voetbalvelden aan te pakken.
Gevolgen van het plan
Sinds de lancering van Ons Voetbal Is Van Iedereen in 2020 is een van de concrete maatregelen de Discriminatie Melder-app, waarmee iedereen incidenten kan melden in zowel het betaald als het amateurvoetbal. Daarnaast horen campagnes zoals Discriminatie = Kansloos bij het plan en zijn deze gericht op bewustwording en gedragsverandering binnen clubs en bij supporters.
Hoewel het programma heeft geleid tot meer aandacht en betere instrumenten, is racisme nog niet verdwenen uit het voetbal. De problematiek blijft bestaan en vraagt om blijvende inzet.
Racisme blijft een hardnekkig probleem in het jeugdvoetbal en raakt veel meer spelers dan uit meldingen blijkt. De verhalen van jeugdspelers laten zien dat kwetsende opmerkingen vaak worden genegeerd of verzwegen, waardoor het probleem onder de radar blijft.
Hoewel de KNVB met het programma Ons Voetbal Is Van Iedereen stappen zet om racisme aan te pakken, is beleid alleen niet voldoende. Pas wanneer clubs, trainers, ouders en toeschouwers verantwoordelijkheid nemen en actief ingrijpen, kan het jeugdvoetbal weer een veilige en gelijkwaardige plek worden voor iedereen.
